Sommige fondsen blijven ons achtervolgen. Vaak is dat een teken dat een fondsbeheerder zijn fonds via allerlei kanelen aan het pushen is, om de verkoop wat aan te zwengelen. BNY Mellon Global Real Return (IE00B4Z6HC18) is zo’n fonds waar me steeds vragen over blijven krijgen.
We voelen dit fonds even aan de tand.
Mixfonds – Absolute return
Absolute return fondsen zijn mixfondsen die als doel hebben om positieve rendementen neer te zetten, los van een benchmark. Uiteraard zijn wij helemaal te vinden voor dergelijk principe.
In dit geval heeft BNY Mellon Global Real Return zichzelf als doelstelling om een rendement van 4% + (euribor rente op 1 maand) neer te zetten. Gezien de euribor momenteel negatief is (-0,37%), is het streefdoel dus momenteel iets van een 3,6%.
Een heel jong fonds … of niet soms?
Het fonds werd pas opgericht op 8 maart 2010. Omdat dit fonds nog erg jong is, is het heel moeilijk om daar onze screening methode op los te laten.
De mensen van BNY Mellon suggereren dat dit echter geen probleem mag vormen. Ze verwijzen naar de prestaties van het moederfonds “Newton Real Return”, dat al sinds 2004 op de markt is.
[quote bgcolor=”#94f7a6″]Op zich hebben wij geen probleem om naar een moederfonds te verwijzen. Zo gebruiken wij bv. de cijfers van het originele Flossbach von Storch Multiple Opportunities moederfonds omdat de in Belgie verkrijgbare variant nog maar enkele jaren oud is en te jong voor screening. Beide varianten moeten echter wel voldoende op elkaar lijken om deze truc verdedigbaar te houden.[/quote]
BNY Mellon refereert op subtiele wijze naar het “Newton Real Return” fonds om de lange termijn prestaties van hun Global Real Return fonds aan te prijzen. Dit Newton fonds haalde in 2008 een positief resultaat (+4%), iets wat men dus graag in de verf zet. Dezelfde eigenschappen zouden dus ook in het BNY fonds zitten.
We zetten beide fondsen even in een grafiek om te zien in hoeverre ze overeen komen.

Beide fondsen zijn uitgedrukt in EUR om vergelijkbaar te zijn. Ik denk dat je geen doctoraat in economie nodig hebt om te zien dat de prestaties van het BNY Mellon Global Real return flink achterlopen op het moederfonds, hoewel deze toevallig de laatste maanden naar elkaar toegroeien.
Bekijken we de inhoud van de portefeuilles van beide fondsen, dan zien we overeenkomsten qua globale allocatie maar ook duidelijke verschillen qua samenstelling.
We vinden dat BNY Mellon dus de waarheid geweld aan doet door de mooie prestaties van Newton Real Return zomaar te gebruiken om BNY Mellon Global Real Return te promoten. Dit zijn gewoonweg verschillende fondsen met heel verschillende prestaties.
Beoordeling van BNY Mellon Global Real Return
Ondanks het feit dat het fonds nog erg jong is, heb ik aan Al Fonds gevraagd om het doorheen de screening te draaien. De resultaten moet je dus met de nodige korrels zout nemen.
Over verschillende periodes van 3 jaar haalde het fonds rendementen tussen 1,46% en 5,79%, met een gemiddelde van 3,59%. Het fonds is wel weinig volatiel, met een uitzonderlijk lage MK Risk score van 8.
GOGI geeft op het ogenblik van redactie een NOGO, wat betekent dat het fonds momenteel in “overdrive” zit. Dit op een ogenblik dat het gros van de fondsen nog altijd een ALLOW krijgt. Op zo’n “overdrive” moment krijg je bij Morningstar wel erg mooie (traditionele) rendementscijfers op 3 of 5 jaar. Onze screening cijfers doorprikken dit, want die goede cijfers zijn enkel te wijten aan de recente groeispurt en zijn globaal veel minder interessant.
Puur om dit alles even te visualiseren, tonen we de grafiek t.o.v. onze meest recente aanwinst voor de Mixer, nl. Nordea-1 Stable Return.

Hoewel je altijd wat moet oppassen met conclusies te trekken uit grafieken, kan je dat in dit geval wel vrij veilig doen. Beide fondsen zijn sterk gericht op kapitaalbehoud, maar je ziet duidelijk dat Nordea dit weet te combineren met mooie en regelmatige groeicijfers op langere termijn.
Dit zijn dus relatief zwakke prestaties voor het BNY Mellon fonds als je rekening houdt met het feit dat de screening periode van 2010-2016 erg gunstig was voor zowel aandelen als obligaties, iets wat meer defensieve fondsen sterk in de kaart moet spelen.
Conclusie
Dit fonds is nog veel te jong om echt te kunnen oordelen. Voorlopig zijn we allerminst onder de indruk, we vinden de prestaties zelfs vrij zwak. Geld ga je er waarschijnlijk ook niet mee verliezen, maar wie gaat beleggen moet toch minimumeisen stellen aan het rendement. We zien hier allerminst een kandidaat in voor de Mixer.
We hebben wel één ding geleerd, nl. dat je niet klakkeloos moet geloven wat zo’n fondsenhuis suggereert. Toch nemen sommige media en beleggingsadviseurs zo’n fonds over in hun advieslijstjes op basis van prestaties van een ander fonds dat toch niet echt vergelijkbaar is. Misschien kunnen ze voortaan iets kritischer voor de dag komen?
@RoboKat_MK
MijnKapitaal.be geeft geen beleggingsadvies en bemiddelt niet in financiële producten. Elke belegger is zelf verantwoordelijk voor zijn keuzes.

Blijkbaar verschenen in de Standaard op 8 aug en vandaag ook nog eens in het zonnetje gezet in een mailing van MeDirect (https://www.medirectbank.be/nl-be/nieuws-research/nieuws-dossiers/article/2016/08/08/investeren-als-een-goede-tandem)
Er is ook een recente wissel geweest begin 2016 van beheerder.
Newton Investment Management has installed Aron Pataki as lead manager on the £2.2 billion BNY Mellon Global Real Return fund following the departure of James Harries.
Harries stepped down from the BNY Mellon-subsidiary in mid-December with no direct replacement for the fund being announced.
Dit kan natuurlijk ook gebeuren bij de mixer fondsen. Wat doen jullie in zo’n geval ? want nieuwe beheerder is niet verantwoordelijk voor de returns van de 5 vorige jaren.
Een nieuwe beheerder die een totaal andere richting inslaat, ja dan kan je evengoed een nieuw fonds hebben. Maar weet ook dat de grotere fondsen niet één beheerder hebben, maar dat daar een heel team achter schuil gaat. Zo zal er wel altijd enige continuïteit zijn, tenzij de beheerder de boel echt anders aanpakt. Maar is dat meestal niet bij fondsen die het al een hele tijd niet zo goed doen? Waarom zou men een goed draaiend fonds opeens een andere strategie aanmeten?
Dus beetje te wisselvallig, goed in moeilijke beursjaren en zwak in sterke beursjaren.
De komende jaren zullen duidelijkheid en historiek brengen. Vele flexibele fondsen zijn rond 2010 en 2011 opgestart. Werk voor mijnkapitaal om dat op te volgen.